IS ZONNESTRALING HETZELFDE ALS ZONNEBANKSTRALING?

Het zonlicht dat het aardoppervlak bereikt heeft tijdens de reis door de stratosfeer en atmosfeer enige verandering van samenstelling ondergaan.

Zo filtert de ozonlaag een deel van de schadelijkste UV-straling weg.

Het UV-C wordt helemaal weg gefilterd en een deel van het UV-B; het UV-A blijft nagenoeg onveranderd.

Voor het ontvangen van zonnestraling op aarde is nog een groot aantal andere factoren van invloed: het jaargetijde, de plaats op aarde, de hoogte t.o.v. de zeespiegel, het tijdstip van de dag, plaatselijke weersomstandigheden, de mate van luchtvervuiling en reflectiewerking van bijvoorbeeld strand, water of sneeuw.

Door deze factoren bereikt ons elke dag van het jaar een verschillende dosis UV-straling.

Zo bezien is de zon een nogal onbetrouwbare bruiningsbron die bovendien niet over een timer beschikt.

Op een zonnebank is de blootstelling aan UV-straling nauwkeurig te doseren en bovendien spelen vertekenende factoren hier geen rol.

De lampen van de zonnebank zenden UV-straling uit die niet onderdoet voor de straling van de natuurlijke zon, met dien verstande dat het percentage UV-B en UV-A bij bruiningsapparatuur van tevoren is vastgesteld.

Bovendien is de zonetijd onder de zonnebank in te stellen zodat u nooit meer straling krijgt dan gewenst is.

 

 

« Vorige pagina